Ynske schrijft

Ynske Boersma +31645192530

blancodesign

De schoot van Moeder Aarde

Marcela Ponce schopt demonstratief haar schoenen uit en plant haar blote voeten op de warme grond. "Zo neem je de energie uit de aarde beter op," verklaart de Argentijnse uit Buenos Aires opgeruimd. "Welke energie? Die van Pachamama natuurlijk. De bergen zitten vol mineralen."

En zo komen we de godin van Moeder Aarde wel vaker tegen in de Quebrada de Humahuaca, een 170 kilometer lange vallei in het bergachtige noordwesten van Argentinië, in de provincies Salta en Jujuy. Plastic flessen met restanten chicha (een maïsdrankje) en zakken cocabladeren langs de bergweggetjes verraden offers die de valleibewoners hebben gebracht om de godin gunstig gestemd te houden, en ook de plens drank die steevast de grond in gaat alvorens de fles aan de mond wordt gezet, moet haar tevreden houden.

Dat ontzag voor de natuur is te begrijpen. De door de vele mineralen in de grond roestrood, kopergroen en okergeel gekleurde bergen aan weerszijden van de vallei doen bijna surrealistisch aan, met door neerslag en wind in bizarre vormen uitgesleten bergtoppen, en als enige begroeiing dikke cactussen die hun harige vingers provocerend de felblauwe lucht in steken, als een saluut aan de ongenadig brandende Andeszon.

De vallei begint op een kleine twee uur rijden ten noorden van provinciestad San Salvador de Jujuy en strekt zich uit tot aan de Boliviaanse grens. Moderniteiten als winkelcentra, reclameborden of zelfs maar een stoplicht zal je langs dit verlaten deel van de Ruta 9 niet tegenkomen. Groter is de kans dat je moet stoppen voor een kudde overstekende lama's, voortgedreven door een boer met breedgerande hoed die traag op een homp cocabladeren kauwt.

'Het authentieke Zuid-Amerika' noemen de reisgidsen het Argentijnse noordwesten. "Bolivia," zeggen sommige arrogante Argentijnen, verwijzend naar de Andescultuur van zijn inwoners. Anders dan in de rest van Argentinië zijn de meeste bewoners van de vallei indígenas: het zijn afstammelingen van de Omaguaca's en Tilcara's, die tienduizend jaar geleden als eerste de vallei bevolkten en die hun cultuur ondanks de eeuwen van Spaanse overheersing wisten te behouden.

En die invloed is overal merkbaar. Zo eet je in dit deel van Argentinië niet de alomtegenwoordige milanesa (soort schnitzel) of pizza, maar geroosterde lama, tamales en humitas: hartige vulling in gestoomde maïsbladeren. Als je het geluk hebt die maaltijd in een peña te verorberen, is de kans groot dat na de maaltijd de tafels in het clubhuis aan de kant gaan om te dansen op de vrolijke volksmuziek van een veelkoppige band met ijle fluiten en een charango, een snaarinstrument. Maar het grootste verschil maken de mensen. Ze zijn kleiner en donkerder dan hun Argentijnse landgenoten, en leven volgens dezelfde tradities als hun voorouders, in harmonie met eerdergenoemde Pachamama.

Tot voor kort was de vallei toeristisch onontgonnen gebied, waar je hooguit een avontuurlijke backpacker aantrof, maar de laatste tien jaar trekt de Quebrada een groeiende stroom toeristen - meestendeels Argentijnen, die sinds de crisis in 2001 vaker in eigen land op vakantie gaan. Met duizenden per jaar bezoeken ze het postzegeldorpje Purmamarca, een gehucht met smalle straatjes van aangestampte aarde in de schaduw van de Cerro de Siete Colores, een door een geologische twist van de natuur in zeven kleuren gestreepte rotsformatie, en rijden daarna door naar de verblindend witte Salinas Grandes, de stille, immense zoutmeren nabij Purmamarca.

Huid als leer

Minder filmisch, maar authentieker is Tilcara: een koloniaal dorp halverwege de Quebrada, berucht om de wind die elke namiddag het stof door de straten jaagt. "Weet je wat Tilcara betekent?" vraagt barman Diego van het dorpscafé en de boekwinkel Ma'Koka. Hij wijst naar de Andeszon, ongenadig op deze 2800 meter hoogte. "Door de zon en de wind is onze huid als leer: tilcara, in de taal van mijn voorouders."

Maar wanneer die wind is uitgeraasd en de bewoners uit hun siësta ontwaken, komt het dorp tot leven. Kinderen in schooluniformen zwermen uit over het dorpsplein, waar verkopers hun alpacatruien aan de toeristen proberen te slijten, terwijl de locals in onooglijke cafeetjes bijeenkomen voor hun dagelijkse api con pastel: de zoete, kruidige drank van rode maïs met een soort van kaassoufflé, een populaire namiddagsnack uit de Andes.

Net buiten de vallei ligt Iruya, een zeer afgelegen dorp, volgens velen het mooiste van het noordwesten. Imposante rotsformaties torenen dreigend boven het dorpje uit. De smalle straatjes, niet meer dan drie rondjes om een okergeel geschilderd kerkje, zijn stoffig en hobbelig, de lage huisjes geschilderd in lichtgeel en mintgroen. Je hoort er geen auto's, maar mekkerende geiten, het gebalk van een nukkige muilezel en de onvermijdelijke haan.

Je komt er met een lokale bus vanuit Humahuaca, via vijftig kilometers over een onverharde, smalle bergweg, die een adembenemende hoogte van vierduizend meter bereikt. Als je weer afdaalt tot de rivierbedding van de vallei, arriveer je bij het tussen de bergen verscholen kleine dorpje. Iruya is letterlijk het einde van de weg: wie naar de dorpjes wil die nog dieper in de bergen liggen, kan vanaf hier alleen te voet verder, hink-stap-springend over de stenen in de rivier.

"Magisch," noemt de Argentijnse Federico Cabrera het bergdorp. "Ik vind dit de mooiste plek in Argentinië. Het is zo afgelegen dat je je meteen ver weg voelt van de dagelijkse realiteit. Maar nog meer kom ik voor de warmte van de mensen, en hun cultuur. Ze leven met respect voor de natuur, la Pachamama. Dat vind ik bijzonder."

De nacht valt in Iruya. "Doen jullie wel de deur op slot?" vraagt onze doorgaans gemoedelijke pensionhoudster Maria, haar blik bezorgd. "Anders komt de ezel binnen. Dat rotbeest eet al mijn planten op."

Wij, stadse rugzaktoeristen, schieten in de lach. Als de enige dreiging afkomstig is van een roofzuchtige ezel, kunnen we met een gerust hart gaan slapen.

3x slapen

€€€ Hostal Posta de Purmamarca

Mooie bungalows met uitzicht op de zevenkleurige berg, vanaf €87 voor twee.

www.postadepurmamarca.com.ar

€€ La Posadita, Tilcara

Kleine herberg met kamers uitkijkend over de vallei. €45 voor een tweepersoonskamer.

www.laposadita.com.ar

€ Hospedajes Iruya

In het dorpje Iruya zijn verscheidene kleine informele hospedajes waar je voor ongeveer €5 per persoon de nacht kunt doorbrengen. Voor de luxepaarden is er Hotel Iruya, vanaf €91 voor twee personen.

www.hoteliruya.com

REISINFORMATIE

Vlucht KLM vliegt rechtstreeks van Schiphol naar Buenos Aires, veel andere maatschappijen met een tussenstop in Europa of de VS.

Vluchtduur

ca. 10,5 uur

Gemiddelde prijs retourticket €830

In Buenos Aires neem je een binnenlandse vlucht naar Salta of San Salvador de Jujuy (vanaf €190 voor een retour BA-Salta of BA-Jujuy met Aerolíneas Argentinas), waarna je via de Ruta 9 met auto of bus de Quebrada in rijdt, een kleine twee uur vanuit San Salvador.

 

Alle in de tekst genoemde dorpen liggen aan de Ruta 9, behalve Iruya: daarvoor moet je vijftig kilometer over een onverharde weg rijden. Check bij regen of de weg begaanbaar is.

 

Gemiddelde prijzen:

Maaltijd

€6 voor een lunchmenu

Biertje

€4 voor een literfles

(Prijzen volgens officiële koers, met de parallelle dollar betaal je een derde minder)

 

Foto José Luis Cabrera

 
28-02-2015, Het Parool