Ynske schrijft

Ynske Boersma +31645192530

blancodesign

Underground scene

Waarom zou je in Londen naar een kerkhof gaan? Omdat de stad zeven prachtige victoriaanse tuinbegraafplaatsen telt, bijgenaamd The Magnificent Seven.

Abney Park 

Overdag waan je je er in een sprookjesbos, bij nacht in een horrorfilm. Grafstenen steken overal waar je kijkt schots en scheef de grond uit, groen bemost en overwoekerd door klimop. Langs de graven slingeren vele paadjes, waardoor het makkelijk verdwalen is. Midden in het dichte bos staat een verlaten, uitgebrande kapel, omringd door onthoofde engelenbeelden en een enkele omgevallen boom.

We zijn in Abney Park, de oude begraafplaats van de alsmaar hipper wordende wijk Stoke Newington (zie kader), in het Londense district Hackney. In 1840 werd dit 32 hectare grote park opengesteld als begraafplaats en bomentuin tegelijk - een bijzondere combinatie, zeker in die tijd. Nog steeds telt het park honderden verschillende soorten bomen, struiken en paddenstoelen. (Niet eten - ze zitten vol met arsenicum, afkomstig van de gebalsemde lijken van de victoriaanse society, maar dit terzijde.) 

De begraafplaats is minder opzichtig dan de rest van de Magnificent Seven - zoals de zeven victoriaanse tuinbegraafplaatsen in Londen bekendstaan - maar minstens zo bijzonder. Stoke Newington was destijds een wijk van religieuze dissidenten, en zo werd Abney de eerste begraafplaats waar doden van alle geloofsrichtingen terechtkonden. 

In 1978 sloot de begraafplaats, waarna het park aan zichzelf (en vandalen) werd overgelaten. Beelden en grafstenen raakten in verval, maar ook de natuur kon haar gang gaan. Het resultaat is een bijzonder stuk stadswildernis en misschien wel het mooiste stukje van Hackney. 

Inmiddels heeft een groep buurtbewoners zich over Abney ontfermd en is het park aangewezen als Local Nature Reserve - ofwel een beschermd natuurgebied, maar dan midden in de stad. De begraafplaats is een populaire plek onder de Londenaren. Buurtbewoners laten er hun hond uit, hollen dapper over de glibberige paden of ontmoeten hun geliefde bij het vallen van de schemering. Saillant detail: er schijnt nog ergens een niet-ontplofte bom uit de Tweede Wereldoorlog in het park te liggen. Betreden op eigen risico dus. 

www.abneypark.org 

Highgate Cemetery 

Parijs heeft Père Lachaise, Londen heeft Highgate - de grootste en meest bezochte loot van de Magnificent Seven. Eenieder die er in het negentiende-eeuwse victoriaanse Londen een beetje toe deed, wilde hier de eeuwigheid ingaan, bij voorkeur met een zo groot en protserig mogelijke tombe of met een prestigieus familiegraf. 

En voor wie er niet toe deed in de Londense society was de dood een uitgelezen mogelijkheid om middels een megalomaan graf alsnog postuum bekendheid te verwerven. Zoals de Joodse zakenman Julius Beer, die uit wraak voor het uitblijven van acceptatie onder de victoriaanse adel besloot dan maar het allergrootste mausoleum van Highgate voor zichzelf te bouwen, à raison van vijfduizend pond - het equivalent van drie miljoen pond nu. 

De begraafplaats, gebouwd tegen de heuvel van Highgate Village in het noorden van Londen, is nu een populaire bestemming onder toeristen. Ze vergapen zich er aan het graf van Karl Marx en andere Bekende Doden als George Eliot en de familie van Charles Dickens. De bezoekers laten zich de stuipen op het lijf jagen op het westelijke, oudste deel van de begraafplaats, dat met zijn door wildernis overwoekerde gotische grafmonumenten en mausolea, Egyptische obelisken en andere grafparafernalia een uitstekend decor vormt voor een horrorfilm. Niet voor niets vond Bram Stoker hier de inspiratie voor zijn Dracula. 

Het recentste, oostelijke deel is vrij toegankelijk. Het westelijke deel is sinds 1975 gesloten vanwege de deplorabele staat van de graven en is nu alleen onder begeleiding van een gids te zien. 

www.highgatecemetery.org 

Kensal Green 

'For there is good news yet to hear and fine things to be seen / Before we go to paradise by way of Kensal Green.' Zo dichtte eens G.K. Chesterton over Kensal Green Cemetery, de oudste begraafplaats (1833) van de Magnificent Seven, in de wijk Kensington and Chelsea. 

De tuinbegraafplaats is gebouwd naar het voorbeeld van Père Lachaise, met brede lanen waar eens de koetsen van de victoriaanse aristocratie overheen ratelden en smallere wandelpaden waarover het fijn slenteren was op de zondagmiddag. En dat is het nog steeds, getuige de vele buurtbewoners die door het park lopen of rennen, of spelen met hun kinderen op het gras tussen de graven. 

Hoewel Kensal Green nog altijd in gebruik is, hebben ook hier vele jaren van verwaarlozing het park veranderd in een klein stukje natuurgebied in Londen, met vele vogelsoorten, zeldzame planten en eeuwenoude bomen. De graven - van simpele kruisen tot mausolea compleet met Romeinse zuilengalerijen en badkuipvormige sarcofagen, en van glanzend marmer versierd met verse bloemen tot verzakte en vervallen stenen - staan kriskras door elkaar, ogenschijnlijk zonder enig onderscheid. Dat was er overigens wel, want het park was opgedeeld in plekken voor verschillende geloofsrichtingen, met drie bijbehorende kapellen. 

Ga op ontdekkingstocht langs de graven, het ene nog groter en protseriger dan het andere, en gebruik je smartphone om het verhaal achter de veelal poëtische grafschriften op te zoeken. Zo leren we over de Londense kwakzalver John Saint John Long, in 1830 veroordeeld voor het ombrengen van een jonge patiënte met zijn zelfbedachte 'experimentele' behandeling. Desondanks was de man zo geliefd onder zijn patiënten dat ze na zijn dood een metershoog grafmonument voor hem oprichtten, inclusief Mariabeeld en zuilengalerijtje met esculapen. 'By those who knew his worth, and his benefits.' 

www.kensalgreencemetery.com 

Abney Park ligt midden in één van de gewilde buurten van Londen op dit moment: Stoke Newington, door zijn bewoners ook wel liefkozend Stokie genoemd. Tot een jaar of tien geleden was deze buurt in het noordoosten van stadsdeel Hackney nog de afvoerput van Londen, een plek die je ten zeerste meed als je niet dood gevonden wilde worden - en de meeste Londenaren meden de wijk dan ook. 

Maar de laatste jaren is Stokie, net als de rest van Hackney, hard bezig zichzelf opnieuw uit te vinden. Krakers, kunstenaars en andere creatieven zetten de ontwikkeling in gang, een rondje stadsvernieuwing deed de rest. 

Daarbij heeft de wijk, van oudsher dé verzamelplek voor religieuze dissidenten en andere outcasts in Londen, zijn eigenwijze karakter behouden. Een Starbucks zal je er niet vinden - de bewoners wisten de komst van de keten succesvol tegen te houden. 

Wel vind je in Church Street en High Street een onwaarschijnlijke concentratie boetiekjes en vintagewinkels, met onder andere kleding, antiek, tweedehands platen en boeken. Op zaterdagochtend is er de Farmers' Market, de eerste volledig biologische boerenmarkt van Engeland. Ook heeft de buurt zijn eigen literaire festival; dit jaar is die van 6 tot 8 juni. 

Duik na het gravehunten en shoppen ook vooral de kroeg in: de straten zijn vergeven van gemoedelijke cafeetjes, pubs en restaurants. Zoals het onuitspreekbare Auld Shillelagh, een donkere Ierse pub in Church Street waar men zegt Guinness-perfectie na te streven. Een nieuwkomer is The Jolly Butchers, een pub met tientallen verschillende ciders, ales en bieren op tap, lokaal gebrouwen uiteraard. Voor de ware pubervaring neem je op zondagmiddag de sunday roast.

 
22-02-2014, Het Parool