Ynske schrijft

Ynske Boersma +31645192530

blancodesign
Te mooi om waar te zijn

25-01-2014, Het Parool

De meisjes kijken ernstig. Een beetje bedremmeld, ook wel. Maar het gaat dan ook om een serieuze zaak, dat begrijpen deze twee zusjes goed. Geduldig poseren ze voor de camera van portretfotograaf Yaseen Al-Obeidy (1951), gezeten op twee plastic keukenkrukjes. Ze zijn gehuld in roze prinsessenjurken, met rokken van tule. Op hun hoofden prijken feesthoedjes van glimmend folie (zie coverfoto).

We zijn in Studio Iman, in een volkswijk aan de rand van Bagdad. Een doornormale wijk eigenlijk, voor zover je het leven in Irak normaal kunt noemen. Het land is na vele jaren van dictatuur, drie oorlogen en ontelbare aanslagen verwoest en verdeeld, met bevolkingsgroepen die elkaar zo erg naar het leven staan dat hun buurten worden gescheiden door muren. Er vielen vele, vele doden. En die vallen nog steeds. 

Je zou als Irakees om minder de hoop kunnen opgeven. 

Maar wie de portretstudio van Yaseen binnenstapt, is ver weg van die wereld van oorlog en onderdrukking. Hier geldt een andere werkelijkheid. Eentje die je zelf mag bedenken. Of meerdere werkelijkheden, dat mag ook. 

Zo zien we een jongeman, staand naast een concertvleugel. Uit zijn openstaande oranje geblokte overhemd krult wat borsthaar omhoog, één hand is nonchalant in de zak van zijn spijkerbroek gestoken. Op een andere foto zien we dezelfde jongen, maar dan vroom gekleed in het zwart, staande voor een gephotoshopte gouden moskee, met in zijn hand een bidsnoer. Het zijn twee kanten van hoe hij zichzelf het liefst ziet, in beeld gebracht door de camera van Yaseen. 

De Irakese portretfotograaf legde zo in de afgelopen 45 jaar duizenden landgenoten vast. Eerst in een fotostudio in Basra, in het zuiden van Irak, totdat een hardhandig neergeslagen opstand van sjiieten in 1991, waarbij zijn studio deels werd verwoest, hem dwong terug te keren naar zijn geboorteplaats Bagdad. Daar opende hij studio Iman, waar hij tot op de dag van vandaag fotografeert. 

In die 45 jaar veranderde de Irakese samenleving volledig. In 1979 greep Saddam Hoessein de macht, en tientallen jaren van oorlog en onderdrukking zouden volgen. 

Die beelden zijn bekend. Maar waar we tot nu toe weinig van te zien kregen, is wat er achter de schermen van het ontwrichte land gebeurt. Het leven van alledag, dat ondanks alles gewoon doorgaat. 

Wanneer Irakezen trouwen, een verjaardag of iets anders vieren, dan hoort daar een bezoek aan de fotostudio bij. De foto's gaan thuis aan de muur, of in de portemonnee, maar worden ook gedeeld met vrienden en familie. Maar ook bij een huwelijksaanzoek is het heel normaal een in de fotostudio gemaakte afbeelding van jezelf te overhandigen - ook in tijden van oorlog. 

En zo geven de duizenden portretten, vastgelegd door Yaseen, ons een bijzondere inkijk in het leven van die 'gewone' Irakees, en hoe de manier waarop zij zich laten portretteren sinds 1968 is veranderd. 

Zo werkte Yaseen tot in de jaren zeventig met glasnegatieven, die hij met de hand retoucheerde. Mannen krijgen met een pen vollere haarbossen en snorren toebedeeld, vrouwen lonkende wimpers als in een make-upreclame. 

Eind jaren zeventig begint hij in kleur te fotograferen, waarmee ook kleurige achtergronden en attributen hun intrede doen. Behang van idyllische landschappen en boeketten plaatsen de Irakezen in een decor van pastorale kitsch. Irakezen die er met hun spijkerjassen en vintagelook overhemden overigens bijzonder hip uitzien. 

Hoe grimmiger de buitenwereld, hoe vrolijker de foto's van Yaseen lijken te worden. We zien kinderen tegen een felgekleurde achtergrond van alpenweidebehang, omgeven door gephotoshopte vliegende taarten en Disneyfiguren. Maar ook een netjes geklede man in een bloemenveld, die boven de besneeuwde bergtoppen in het decor lijkt uit te torenen, met in de wolken een nog grotere afbeelding van dezelfde man. 

De foto's zijn theatraal, maar tegelijkertijd ook intiem. Vrouwen laten zich ook portretteren zonder de hoofddoek waarmee ze nu in het dagelijks leven over straat gaan. Maar Al-Obeidy krijgt ook regelmatig verzoeken om verloren familieleden in de foto's te shoppen. Zodat ze, al is het maar in een schijnwereld, voor even toch weer bij elkaar zijn.

Tropenmuseum

In het Tropenmuseum opent 31 januari de tentoonstelling Fotostudio Bagdad, met daarin circa honderd foto's uit de collectie van Irakese portretfotograaf Yaseen Al-Obeidy. De foto's, gemaakt in Al-Obeidy's fotostudio's in Basra en Bagdad, laten zien hoe Irakezen uit alle lagen van de samenleving zich de afgelopen 45 jaar bij feestelijke gelegenheden lieten portretteren, tegen de onzichtbare achtergrond van een door oorlog en dictatuur ontwrichte samenleving. 

Het Tropenmuseum kwam de collectie op het spoor door Al-Obeidy's zoon Zaid, die drie jaar geleden naar Nederland kwam voor asiel, met in zijn bagage tweehonderd negatieven uit de collectie van zijn vader. De foto's waren aanleiding voor de theatervoorstelling Foto Salon Bagdad (2011) van kunstenares Elina Cerpa. 

Door de jaren heen zien we hoe de door Al-Obeidy geportretteerde Irakezen steeds verder van de werkelijkheid verwijderd raken. Ze zijn weergegeven zoals ze zichzelf graag zien. Ook merken we dat vrouwen uit de publieke sfeer verdwijnen - op verzoek van de fotograaf zijn er geen recente foto's van vrouwen in de tentoonstelling opgenomen.

Fotostudio Bagdad, van 31/1 t/m 27/4

in de Parkzaal van het Tropenmuseum.

De duurste wandelstok van Amsterdam

04-10-2012, Het Parool

Een parasol voor de dames, voor de heren een hoed, paraplu of een wandelstok. In de negentiende en begin twintigste eeuw waagde de gegoede burgerij zich niet zonder deze hulpstukken de straat op. De wandelstok was een waar statussymbool, ook voor jongemannen die nog prima ter been waren. Een prettige bijkomstigheid was dat de stok tevens fungeerde als afweersysteem voor opdringerige honden of overvallers.

Flaneerstokken kon je deze stokken beter noemen. Sommige waren niet eens bedoeld als ondersteuning bij het lopen, ze dienden gedragen te worden. Maar vanaf de jaren dertig verdwenen deze sierstokken geleidelijk uit het straatbeeld en werden wandelstokken weer gebruikt waarvoor ze oorspronkelijk bedoeld waren: om mee te lopen. 

Maar de flaneerstok is bezig aan een gestage comeback. De laatste jaren dook hij vaker op in Amerikaanse films en series, met als bekendste voorbeeld Gregory House, de nurkse doch geniale dokter in de gelijknamige serie. De wandelstokken die hem overeind hielden in de serie verwierven een heuse cultstatus. Ook George Clooney en Brad Pitt verschenen ten tonele met een stok in de hand. 

Zo'n vaart loopt het in Amsterdam nog niet. De stok wordt toch vooral gebruikt om, nou ja, te lopen dus. Maar hoewel het even zoeken is, zijn ook in Amsterdam mooie exemplaren te vinden. Zoals bij hoedenspecialist English Hatter, die naast hoofddeksels ook een aardige collectie wandelstokken verkoopt. De stokken hebben een hoog 'British gentleman'-gehalte: robuuste houten stokken, verchroomde knoppen en messing 'Derby' handgrepen. Ook stokken met de houten kop van Sherlock Holmes zijn verkrijgbaar, voor 99,95 euro. 

Maar wie echt goed voor de dag wil komen, koopt een antieke stok. Want de veelal fabrieksstokken van nu vallen in het niet bij de handgemaakte exemplaren van één of twee eeuwen geleden. De meest curieuze exemplaren vind je bij Antique Canes Amsterdam in de Jordaan. De Colombiaan Eduardo Tovar Estrada is Nederlands enige specialist in antieke wandelstokken. Al spreekt hij liever van flaneerstokken. Ze zijn er om mee gezien te worden. Sterker, sommige kunnen louter gedragen worden. Ze zijn te fragiel om op te leunen. "Vroeger waren wandelstokken een soort juwelen," zegt Estrada. "Mannen gebruikten een stok om daarmee hun status te laten zien. Ze hadden er minstens drie, twee voor overdag en één voor gelegenheden, zoals de opera." 

Hij haalt een koloniale stok tevoorschijn, gemaakt van de hoorn van een antilope, met een ivoren knop. En zo zijn er nog meer spannende materialen. Hertengewei, schildpad en potvisivoor. Daarbij zit in veel van de stokken een ingebouwde gadget verstopt. Zoals bij een stok, waarin een achttiende-eeuws zwaard blijkt te zitten. Kapiteins gebruikten deze vroeger. "Jammer genoeg zijn ze verboden op straat," zegt hij. Hetzelfde geldt voor het exemplaar met een pistool als handgreep. Leuk is ook de stok die tevens als fluitinstrument dient, met in de knop een snuifdoos voor tabak. 

Tovar Estrada verkoopt zijn stokken vooral aan zakenmannen. Goedkoop zijn ze dan ook niet. Zo moet er voor de stok met pistool 1000 euro neergelegd worden. De koloniale wandelstok kost 600 euro. Zijn meest unieke exemplaar is een Russische stok uit 1880. De handgreep is geëmailleerd. Monnikenwerk. Kosten: 2400 euro. "Dat valt nog mee," zegt Estrada. "In 1880 kostte een stok als deze evenveel als een paard."

Zo kan het ook

Aan de wandelstokken van gezondheidswinkel Vos en Zoons geen polonaise. Wel praktische slimmigheidjes als anatomisch gevormde handvatten ('om de druk op de handpalm te verlagen') en een opklapbare zadelzitting, om even uit te rusten tijdens de tocht. Deze stok met zitje, genaamd Flipstick, gaat weg voor 42,90 euro. Voor de reiziger is er een opvouwbaar exemplaar à 19,95. Lichtgewicht. En hij past in de handtas. De simpelste houten wandelstok kost hier slechts 11,95 euro. Met klassiek gewelfde Derby handgreep, en rubberen slipdop. 

De wat chiquere wandelstokken van English Hatter beginnen bij 39,95 euro. Hier zijn zowel de decoratieve stokken als wandelstokken voor medische doeleinden verkrijgbaar. 

Toch liever de show stelen met een antieke stok? De flaneerstokken van Antique Canes zijn er al vanaf 150 euro. Niet goedkoop, maar dan loop je wel op stand.

Foto Marc Driessen

Liften 2.0

27-09-2012, Het Parool

De lifter van nu kan zijn duim in zijn zak houden. Ook het onvermijdelijke stuk karton mag bij het oud papier. Uren tevergeefs wachten op de vluchtstrook? Totaal achterhaald. Wie een lift of carpooldate zoekt, installeert simpelweg een liftapp op zijn of haar smartphone of plaatst een oproep bij een digitale liftcentrale, op Twitter of Facebook.

Net als vele andere dingen die voorheen in het 'echte' leven gebeurden - een brief versturen, een geliefde vinden of een reis boeken - heeft ook het liftcircuit zich verplaatst naar de digitale wereld van internet en sociale media. Zowel een lift naar het werk of de vakantiebestemming als een carpoolmaatje vind je met één van de digitale platforms waarop ritten en auto's gedeeld worden. Soms gratis, of tegen een kleine vergoeding. Zo is een rit naar Praag of Parijs beschikbaar voor rond de dertig euro. Valencia? Vijftig euro. 

Ook sociale media zijn een veel gebruikte vervanging van de traditionele duim plus karton. Een ordinaire rit naar Berlijn of Parijs is met een oproep op Facebook al snel gevonden. Of op Twitter. De Britse journalist Paul Smith maakte er zelfs een missie van: hij 'twitterliftte' in dertig dagen tijd van New Castle naar Nieuw Zeeland, waarbij hij liften en onderdak vond door te twitteren. Hij schreef er een boek over: Twitchhiker. 

Dichter bij huis heeft de hashtag #lift reeds zijn nut bewezen bij chaos op het spoor. Heeft de NS weer eens last van seinstoringen, sneeuw of bladeren op de rails, dan stuurt de gestrande reiziger eenvoudig een lifttweet de wereld in. 

Maar ook als de treinen wel rijden, wint het aloude carpoolen aan populariteit, simpelweg omdat autorijden een dure aangelegenheid is. De benzineprijs bereikte onlangs een recordhoogte en naar verwachting zal dat record, met de invoering van de btw-verhoging volgende week, wederom verbroken worden. En met een beetje pech wordt de beruchte forensentaks toch ingevoerd. Alle reden dus om de kosten te drukken door een auto te delen. 

Vraag en aanbod van liften vinden elkaar op de twitterpagina van Meerijden Nederland, die gelinkt is aan de liftapp Toogethr. Van 'rit aangeboden op 13 sept 12.00 van Den Haag naar Amsterdam' tot 'rit gevraagd op 14 sept 08.00 van Amsterdam naar Paris.' Na het invoeren van een zoekopdracht geeft de app suggesties voor ritten. Lijkt het je wat, dan stuur je de aanbieder een bericht, waarna de carpoolafspraak gemaakt kan worden. In de meeste gevallen vraagt de bestuurder een kleine vergoeding voor de rit. De betaling daarvan gaat ook via Toogethr, die daarbij 25 procent bemiddelingskosten rekent aan de lifter. 

Op http://Samenrijden.nl, de carpoolwebsite en app van de ANWB, zijn eveneens vele liften binnen en soms buiten Nederland te vinden. Veelal gaat het om dagelijkse woon-werkritten, maar ook een lift naar het buitenland of de Floriade behoort tot de mogelijkheden. 

Ga je naar een concert of festival? Met de app Ridehere kun je andere bezoekers vinden om er samen heen te rijden. Dat spaart niet alleen geld en uitlaatgassen, de evenementen worden er ook een stuk beter bereikbaar door, zo redeneren de initiatiefnemers. En daarom worden Ridehere-carpoolers beloond met fijne parkeerplekken of zelfs VIP-kaartjes. 

Waar Toogethr, Samenrijden en Ridehere meer gebruikt worden om te carpoolen binnen Nederland, kan je voor het betere liftwerk terecht bij de liftcentrales van Hitchhikers.org en Backseatsurfing.com. Die rekenen geen bemiddelingskosten. Het liftersnetwerk Backseatsurfing heeft als bijkomend voordeel dat je ook een oproep voor een specifieke rit kunt plaatsen. 

De kans dat je bij een maniak in de auto stapt - de vrees van elke moeder - is bij een lift nieuwe stijl een stuk kleiner. Voor vertrek kun je via de bekende sociale media al een hoop te weten komen over je chauffeur of bijrijder. In de meeste gevallen kun je van tevoren een profiel van je bestuurder of bijrijder bekijken, al dan niet gekoppeld aan accounts van Facebook, Twitter en andere sociale media.

Backseatsurfing noemt zichzelf social network for hitchhikers: wie hier een lift wil aanbieden moet een profiel aanmaken, waarop eerdere lifters dan weer een beoordeling kunnen achterlaten. Zo biedt ene Ron een gratis rit aan naar de Oekraïne. Op zijn profiel valt te lezen dat hij graag Mexicaans eet, een Maserati rijdt, en door zal reizen naar Bulgarije om daar een huis te kopen. De enige review tot nu toe komt van Ron zelf: I'm really fun and cool to ride with.