Ynske schrijft

Ynske Boersma +31645192530

blancodesign
Profiel: Sunny Bergman

22-10-2013, Het Parool

Wat is normaal? In haar nieuwe film en boek Sletvrees onderzocht documentairemaker Sunny Bergman ons verwrongen beeld van de vrouwelijke seksualiteit.

Zeg niet tegen Sunny Bergman (41) dat iets nu eenmaal zo is. Vastgeroeste ideeën, aannames en vooronderstellingen, culturele zelfingenomenheid en taboes, Bergman schopt er graag tegenaan, gedreven door wat ze zelf een combinatie van verontwaardiging en verwondering noemt. En de bijna kinderlijke wil om de wereld beter te begrijpen, waarbij ze haar persoonlijke twijfels en dilemma's als uitgangspunt neemt.

Met hoeveel mannen ze zelf naar bed is geweest? "34 of 35," antwoordt Sunny Bergman in de beginscène van haar nieuwe film Sletvrees, waarin ze ons dubbelzinnige denken over de vrouwelijke seksualiteit aan de kaak stelt. De vraag komt van een paar puberjongens die zich, liggend in een koepeltentje, door Bergman laten interviewen over seks. De reactie van de jongens laat zich raden: "Slet." 

Bergmans eerlijke antwoord is kenmerkend voor haar open, participerende manier van filmen. Vaak is ze zelf het onderwerp van haar documentaires, waarbij ze zichzelf aan allerlei confronterende en ronduit gênante situaties onderwerpt. Zo zien we haar in de geruchtmakende documentaire Beperkt houdbaar (2007) met haar benen wijd voor een plastisch chirurg in Los Angeles uitgelegd krijgen wat er allemaal aan haar verbouwd zou moeten worden voor een Playboy-waardige designerpoes, onderwijl de prijzen voor al dat moois scanderend. 

In de documentaireserie Sunny side of sex (2011), over seks in andere culturen, gaat ze op cursus bij een Oegandese sekstante die na een grondige inspectie van haar vagina concludeert dat haar schaamlippen verlengd dienen te worden voor optimaal seksueel genot. "Maar in mijn cultuur vinden ze dat lelijk," antwoordt Bergman. In 2012 wint ze de Dirk Scherpenzeelprijs voor de serie. 

Bergman wil niet scoren met andermans leed (mensen om haar heen suggereerden dat ze vrouwenbesnijdenis moest gaan filmen), maar juist het gênante bij zichzelf opzoeken en daarmee herkenning oproepen bij de kijker. Een beproefde methode, zo bleek bij Beperkt houdbaar. De film maakte een stortvloed aan reacties los, en Bergman werd prompt gebombardeerd tot het boegbeeld van de nieuwe feministische golf. 

"Dat vond ze wel lastig,' zegt haar vriendin en oud-collega Jorien van Nes. "Mensen gingen echt helemaal los, daar was ze niet op voorbereid. Het heeft haar werkwijze niet beïnvloed, maar ze heeft wel even een verdedigingsmechanisme moeten opbouwen." 

"Sunny stelt zich heel kwetsbaar op, brengt serieuze onderwerpen maar altijd op een grappige manier. Ze is iemand die heel goede vragen weet te stellen, ook aan zichzelf. Uiteindelijk weet ze altijd een nieuw licht op de zaak te werpen." 

Ook privé kunnen de vriendinnen 'eindeloos bomen', aldus Van Nes. Over Zwarte Piet bijvoorbeeld, waarover Bergman zich vorige week uitsprak tijdens de hoorzitting over de komende sinterklaasintocht. Het is een goed voorbeeld van de 'maatschappelijke denkfouten' die Bergman zo graag aan de orde stelt, ingegeven door haar persoonlijke leven. 

Het politiek idealisme van Bergman zat er al vroeg ingebakken. Ze werd opgevoed door een feministische moeder in een hippie-enclave in het Gooi. Thuis op de woonboot was geen tv, zorgde een windmolen voor elektriciteit en werd 's avonds muziek gemaakt bij een kampvuurtje. Het politiek bewustzijn kreeg ze van haar vader, die actief was in de CPN en haar meenam naar demonstraties. 

Na haar middelbare school en een korte carrière als model en actrice vertrok Bergman naar het land van haar moeder, Engeland, voor een bachelor filosofie en politicologie aan de universiteit van York. Dezelfde studie als die van haar moeder, overigens. Daarna begon ze met het maken van korte filmpjes als regisseur en programmamaker voor de VPRO. 

De kunst van het documentaire maken leerde Bergman van Frans Bromet, met wie ze in 1996 samenwerkte voor de reportageserie Veldpost. "Het was meteen duidelijk dat Sunny een groot talent was," zegt Bromet. "Ze kwam altijd met goed materiaal terug, uitzonderlijk voor iemand met weinig ervaring. Ze kiest thema's en onderwerpen die haar aan het hart liggen, en benadert die op een onverschrokken wijze, met een totale openheid." 

Bromet leerde Bergman op een natuurlijke manier te filmen: door zelf achter de camera te staan en zich te laten leiden door wat er voor de camera gebeurde, zonder de werkelijkheid mooier te willen maken. Een manier van filmen die goed bij haar past, zegt Bergman in een interview over Sunny side of sex. "Ik werk vanuit een inhoudelijk idee, niet vanuit een esthetisch beeld. Dat esthetische is ook niet mijn kracht. Misschien ben ik daar wel gewoon te letterlijk voor." 

"Het is altijd lachen met Sunny," zegt haar 'rechterhand' en vriendin Roos van Ees, die de research deed voor Sletvrees. "Maar je moet wel bereid zijn veel van jezelf te geven. Het zijn vaak persoonlijke onderwerpen en het tot stand komen daarvan vindt plaats door zelfreflectie. Ik denk dat Sunny na anderhalf jaar meer over mijn seksleven weet dan wie dan ook." Ongemakkelijk vindt ze dat niet. "Sunny stelt je wel op je gemak, ze is heel warm en familiair en geeft ook veel van zichzelf. Haar nieuwsgierigheid is oprecht, ze gaat mee in je denken en geeft voorbeelden uit haar eigen leven waar je dan weer op kunt reageren. Zo sta je niet alleen in je nakie." 

Toch koos Bergman bij het maken van Sletvrees ervoor zichzelf dit keer niet tot onderwerp te maken. Is ze voorzichtiger geworden na de harde reacties op Beperkt houdbaar? Van Ees: "Seks is iets heel persoonlijks, een nog kwetsbaarder onderwerp dan uiterlijk. Ze wilde vermijden dat mensen de film zouden diskwalificeren als haar eigen issues." 

Niettemin geeft ze zichzelf nog genoeg bloot tijdens de film en in het gelijknamige boek dat ze schreef over de totstandkoming van haar afgelopen drie documentaires over seks, uiterlijk en cultuur. Ook haar man David moet het ontgelden tijdens haar interview met John Gray, schrijver van Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus. Wanneer die begint over de volgens hem gemankeerde seksdrive van de hedendaagse zorgende man, werpt een geërgerde Bergman, die thuis de kostwinner is, David in de strijd. "Met die ochtenderectie zit het prima." 

 
Tegendraads duo in modefotografie

26-03-2012, Het Parool

Het onderstaande verhaal bevat alle clichés van een Hollywoodfilm. Kort samengevat: jong en onervaren fotografenstel vertrekt naar de Big Apple, keert na talloze afwijzingen ontgoocheld terug en schopt het dan alsnog tot de wereldtop der modefotografen. En oh ja, ze zijn ook al meer dan twintig jaar elkaars geliefden.

Inez van Lamsweerde en Vinoodh Matadin heten onze hoofdpersonen. Het portfolio van dit Amsterdamse fotografenduo wekt ontzag, zowel in omvang als in verscheidenheid. De lijst aan prestigieuze modehuizen en toonaangevende modebladen is te lang om op te noemen. Denk Vogue, Jean Paul Gaultier en The New York Times. 'Ze hebben een oog voor wat iemand mooi maakt,' schreef die laatste.

Hun laatste wapenfeit is de zomercampagne die ze fotografeerden voor H&M, met in de hoofdrol Beyoncé. De eerste foto werd vorige week donderdag de wereld in getwitterd door het fotografenstel: 'Our first image of the Beyond Beyoncé for H&M. Getting sexier as the images come out. Kisses IV.' 

We zien een foto van de wereldster, liggend op haar zij op een strandbedje, met tegen de achtergrond het witte zand van de Bahama's. Slechts gekleed in hotpants en een onschuldig doch weinig verhullend wit bloesje, met aan haar voeten een paar naaldhakken, blikt ze wulps de lens in. Veel sexyer kan het niet worden. 

Van Lamsweerde (1963) en Matadin (1961), beiden geboren en getogen Amsterdammers, leerden elkaar halverwege de jaren tachtig kennen op de modeacademie. 

Van Lamsweerde stapte over naar de Rietveld, waar ze zich toelegde op fotografie; Matadin begon zijn eigen modemerk, Lawina. Hij vroeg Van Lamsweerde de fotografie voor hem te doen en zo was hun samenwerking geboren. 

Hoewel Matadin zegt al vanaf het begin verliefd te zijn geweest op Van Lamsweerde, zou het nog zes jaar duren voordat ze ook de rest van hun leven zouden delen. Matadin: "We zijn eerst even goed uitgeraasd." 

In 1991 stopte Matadin met zijn modemerk en begon hij fulltime te werken met Van Lamsweerde, aanvankelijk als haar stylist. Het tweetal vertrok naar New York om daar zijn geluk te beproeven als artists in residence. Een jaar lang leurden ze met portfolio's, vergeefs. Een eenzame en confronterende tijd, volgens Van Lamsweerde. 

Terug in Amsterdam begonnen ze te fotograferen voor het toen nieuwe tijdschrift Blvd.: sterk geretoucheerde, hoogglansbeelden van sexy supervrouwen tegen surrealistische achtergronden, zoals een raketlancering. Het digitaal bewerken van foto's gold toen nog als baanbrekend en controversieel, net als de beelden vol dubbelzinnigheden en uitvergrotingen van de werkelijkheid die het opleverde. 

De publicatie van één van die series, For your pleasure, in het Britse blad The face, zou hun doorbraak betekenen. Opeens stonden de bekende modehuizen en glossy's in de rij voor het werk van Van Lamsweerde en Matadin. Maar in eigen land bleef het stil, reden om in 1995 voorgoed naar New York te verhuizen. In 2000 gaven ze elkaar het jawoord, drie jaar later werd hun zoon geboren: Charles Star Matadin. 

Het werk van Van Lamsweerde en Matadin staat te boek als tegendraads. Fotoshoppen deden ze al voordat dat überhaupt een werkwoord was. In Thank you thighmaster (1993) zien we vrouwen als barbiepoppen, perfect gevormde lichamen zonder geslachtskenmerken, blik op oneindig. Het was hun vorm van kritiek op de maakbaarheid van de Amerikaanse samenleving, juist door die werkelijkheid zwaar aan te dikken. 

Nu, twintig jaar later, is hun werk weliswaar minder radicaal, maar het vervreemdende is gebleven. 

Neem de portretten die ze schoten voor The New York Times. We zien Natalie Portman in een oude capuchontrui, met op haar hoofd een bevoogdende mannenhand. Een nauwelijks herkenbare Clint Eastwood, gehuld in rook. En Michael Douglas, die aanstalten maakt om een trekje te nemen van een boeketje veldbloemetjes. 

Toch is hun werk onmiskenbaar Inez & Vinoodh gebleven, zegt Marcel Musters, oprichter en acteur van het Amsterdamse theatergezelschap Mugmetdegoudentand, en al zo'n 25 jaar bevriend met het stel. "In techniek zijn hun foto's altijd perfect, maar wat ze fotograferen, benadrukt juist de schoonheid van de imperfectie. Hun foto's zijn net een puzzel, ze laten ook de andere kant van iemand zien." 

"Ze bevragen vaststaande dingen als identiteit, dat maakt ze controversieel," zegt Marcel Feil. In 2010 was hij curator bij de overzichtstentoonstelling van Van Lamsweerde en Matadin in Foam, Pretty much everything. 

Feil: "Eigenlijk zijn ze geen echte modefotografen, maar gebruiken ze de mode om hun artistieke ideeën naar voren te brengen. Ze balanceren voortdurend op het slappe koord tussen mode en kunst. Het vertrouwde durven te verlaten, dat is hun grote kracht." 

Martien Mellema, fashiondirector van Vogue in Nederland, ziet dat echter anders. "Je voelt hun liefde en passie voor mode als je naar hun foto's kijkt. Maar ook hun liefde voor de vrouw laten ze zien: het is geen anoniem poppetje. Er is een band met degene die voor de camera staat. Dat krijgen ze goed voor elkaar door met zijn tweeën te werken." 

In interviews is het Van Lamsweerde die het woord doet. Matadin lijkt minder op zijn gemak wanneer de camera nu eens op hem gericht is. Liever luistert hij naar wat zijn wederhelft te zeggen heeft, haar aanvullend waar dat nodig is. Deze rolverdeling is ook terug te zien in hun werkwijze. Van Lamsweerde staat achter de camera, Matadin trippelt eromheen met een kleinere camera, zich bedienend van het onbewaakte ogenblik. 

"Inez regisseert de sessie, waardoor ik vrij rond kan lopen," zegt Matadin. "Op mij wordt niet gelet." 

Deze verrassingsstrategie bleek dé manier te zijn om bijvoorbeeld een doorgewinterd acteur als Tom Cruise op een andere, intiemere manier vast te leggen. 

Behalve hun fotografie voor alle groten der aarde en hun vrije werk, doen Van Lamsweerde en Matadin al ruim 25 jaar de huisfotografie van Mugmetdegoudentand. "Het zijn genereuze mensen," zegt Musters. "Ze zijn zo druk, maar ze vinden gewoon dat ze dit moeten doen. Voor niets, want voor een klein gezelschap als De Mug zijn ze natuurlijk onbetaalbaar." 

Maar het zijn ook heel creatieve en toegewijde mensen, aldus Musters. "Als Inez je fotografeert, is er een sterk lijntje tussen jou en haar. Op de set creëren ze een open, relaxte sfeer waarin van alles kan gebeuren. Heel intuïtief. Ondanks de megabudgetten waar ze mee werken, zijn ze dicht bij zichzelf gebleven."

Profiel: Cathelijne Broers

05-02-2013, Het Parool

Een doordouwer die niet stopt voor ze haar doel heeft bereikt. Maar ook een teamspeler, iemand met wie je kunt lachen. Dat is Cathelijne Broers (Bilthoven, 1968) in het kort, volgens de mensen om haar heen. 

Een week geleden verscheen een stralende Broers, directeur van de Hermitage en de Nieuwe Kerk, voor de camera's van de NOS, even na het nieuws van Beatrix' aftreden. Sinds 1814 worden alle koninklijke hoogtepunten gevierd in de Nieuwe Kerk, pal naast het Paleis op de Dam. Aan directeur Broers dus de taak de inhuldiging van Willem-Alexander te verzorgen. 

Dat lijkt Broers in het geheel niet van de wijs te brengen. "Het is al heel snel, maar het is nooit te kort dag," aldus Broers in het NOS Journaal. "Wij zijn niet voor een kleintje vervaard, dat zullen we regelen." 

Broers' interesse in de kunstwereld zat er al vroeg in. Na haar middelbareschooltijd aan het Amsterdams Lyceum vertrok ze voor een jaar naar Florence, waar ze kunstgeschiedenis en Italiaans studeerde. 

"Ze sprak binnen de kortste keren vloeiend Italiaans," zegt vriendin Hester Schölvinck. "En toen ik haar kwam opzoeken, wist ze over elk gebouw wel iets te vertellen." 

Broers en Schölvinck zijn al vriendinnen sinds de brugklas. Maar ze zijn ook collega's: Broers is sinds enkele jaren voorzitter van het bestuur van de Plantage Amsterdam, het samenwerkingsverband van de musea in de Plantagebuurt, waarvan Schölvinck projectleider is. 

Als het om samenwerken gaat, neemt Broers altijd het voortouw, volgens ingewijden. Een noodzaak in deze crisistijd, waarin de subsidiekraan voor musea steeds verder wordt dichtgedraaid. Schölvinck: "We moeten het met zijn allen doen, zegt Cathelijne dan. Dat wordt nu ook vanuit Den Haag gedicteerd, maar zij doet dat dus al jaren." 

Ook Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum, werkte samen met Broers. "Met veel plezier," zegt hij. Vanwege de verbouwing van het Van Gogh logeert zijn collectie zeven maanden bij de Hermitage. Een verhuizing die nogal wat voeten in de aarde had - alsof ze gingen samenwonen, noemden de twee directeuren de operatie. "Ze is een professionele bestuurder, doelgericht, en heel sympathiek. Een prettige collega." 

Na haar studies kunstgeschiedenis en bedrijfskunde werkte Broers bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, en als secretaris in de raad van bestuur van de NOS. In 2002 begon ze als adjunct-directeur onder Ernst Veen bij de Nieuwe Kerk en was ze betrokken bij de oprichting van de Hermitage, waar ze vanaf 2003 dezelfde functie vervulde. 

Frans van der Avert, tot 2011 hoofd communicatie van de Nieuwe Kerk en de Hermitage, trad op dezelfde dag in dienst als Broers. Hij noemt haar een harde werker die heel goed weet wat ze wil. "Ze is zich heel bewust van de erfenis van Ernst Veen, en geeft daar nu haar eigen invulling aan." 

Eind 2011 nam Broers de leiding over beide musea van Veen over. Hij staat ook wel bekend als cultureel ondernemer avant la lettre. Een fenomeen, noemt Broers hem. Veen transformeerde de Nieuwe Kerk dertig jaar geleden van godshuis naar cultureel centrum. Ook de Hermitage, de dependance van het museum in Sint-Petersburg, komt uit de koker van Veen. 

Daarbij kwam ze meteen voor een flinke uitdaging te staan: de verhuizing van de Van Goghcollectie naar de Hermitage. Alleen als de programmering flink werd omgegooid, kon de Hermitage de volle zeven maanden onderdak bieden aan het Van Gogh. Een complexe én kostbare operatie. De gemeente moest zes ton bijleggen, maar Broers kreeg het voor elkaar. 

"Als ze iets wil, trekt ze zich van niemand iets aan totdat ze het heeft. Ze is heel lief, maar ze is geen watje," zegt Schölvinck. 

Een medewerker die niet bij naam genoemd wil worden, kan dat beamen. Een doordouwer, noemt hij Broers. "Als het nodig is, gaat ze tot het gaatje." 

Na een succesvol eerste jaar als directeur - 250.000 meer bezoekers in de Hermitage dan in het jaar daarvoor - belooft 2013 bewogen te worden voor Broers. Praktisch zonder subsidie moet ze haar twee musea in tijden van crisis draaiende zien te houden. En met de heropening van het Stedelijk Museum, Rijksmuseum en het Van Gogh neemt ook de concurrentie flink toe. 

Kritiek was er ook: Broers kreeg aanvankelijk het verwijt niet zichtbaar genoeg te zijn als directeur van de twee musea. Van der Avert vindt die kritiek misplaatst: "Cathelijne is iemand die eerst de organisatie intern op orde brengt, voordat ze daarmee naar buiten gaat. Dat is juist heel verstandig." 

Maar 2013 is eveneens het 'jubeljaar' waarin Amsterdam het vierhonderdjarig bestaan van de grachten viert, het Rijks weer opengaat én Broers gastvrouw is van de nu al veelbesproken inhuldiging. 

Aan zichtbaarheid had Broers de afgelopen week in elk geval geen gebrek. Ze bracht het er goed van af in de spotlights die sinds het nieuws van de abdicatie op haar gericht staan. "Alsof ze een Oscar kreeg," typeerde een trotse medewerker haar optreden in het NOS Journaal. 

Broers blijft bescheiden. Hester Schölvinck: "Ze had haar moeder, die op de kinderen kwam passen, niet eens verteld dat ze in het Journaal zou komen. Dus toen haar kinderen de volgende dag op school kwamen, waren zij de enigen die haar niet hadden gezien. Dat is wel typisch voor Cathelijne." 

Heeft ze ook zwakke punten? Daar moet Schölvinck lang over nadenken. "Misschien gaat ze soms iets te snel voor de rest, hupsakee, door. Dat werkt ook in haar voordeel, want af en toe heb je gewoon iemand nodig die doorzet."